Satelliettelevisie in Nederland onder druk
Een daling in marktaandeel van meer dan 20 procent. Dat is de droevige constatering van de laatste Establishment Survey van Stichting Kijkonderzoek, SKO. In het eerste deel van 2010 daalde het aantal huishoudens dat satelliet primair gebruikt voor ontvangst van digitale televisie van 7,7 naar 5,8 procent. In totaal kijkt volgens dit onderzoek, uitgevoerd door Intomart GfK, meer dan 55 procent van de Nederlanders in de huiskamer naar digitale televisie.
Hoewel het aantal digitale kijkers steeg kan worden gesteld dat minder mensen dan voorheen voor primaire televisieontvangst gebruik maakt van de schotelantenne. De daling wil overigens niet direct zeggen dat het aantal abonnees bij de Nederlandse satelliettelevisieaanbieder CanalDigitaal gedaald is. De kans hierop is natuurlijk wel aanwezig. Echter de daadwerkelijke constatering dat dit het geval is kan niet gemaakt worden omdat de Luxemburgse eigenaar geen klantcijfers met betrekking tot CanalDigitaal openbaar maakt. Tegenover de daling van het marktaandeel van satelliet staat een nog grotere stijging van het marktaandeel van Digitenne (+2,7%) en de kabel (+2,6%). In het onderzoek van SKO is overigens de mogelijkheid van "best of both worlds” digitale televisie ontvangst niet meegenomen. Bij "best of both worlds” wordt naast een betaald abonnement bij een televisieaanbieder dit veelal gekoppeld aan de ontvangst van Free-To-Air, oftewel ongecodeerde, televisiekanalen via de satelliet. SKO is van mening dat het aantal huishoudens dat "best of both worlds” gebruikt voor primaire televisieontvangst in de huiskamer zeer beperkt is.
