Het verschil tussen analoog en digitaal
Om de voordelen van digitaal ten opzichte van analoog te kunnen begrijpen, moeten we eerst de belangrijkste verschillen tussen de analoge en digitale uitzendingen van radio en tv kanalen weten.

Beeldopbouw bij analoog en digitaal

Bij digitaal worden alleen de veranderingen doorgegeven
Als het signaal zwak is, verschijnt er bij analoog “spijkers” of “sneeuw” in beeld. Verzwakt de ontvangst bij digitaal zodanig, dan zal het beeld wegvallen. Het beeld wordt zwart, totdat er weer juiste informatie ontvangen wordt. Dit is natuurlijk een nadeel, maar van de andere kant heeft de digitale uitzending juist wel perfect beeld. Het beeldkwaliteit is een stuk beter dan van de analoge uitzendingen omdat er geen verliezen optreden.
Meer kenmerken van analoog zijn:• Uitzendstandaard: PAL
• Maar 1 service per kanaal
• Modulatie: Frequency Modulation (FM)
Meer kenmerken van digitaal zijn:
• Uitzendstandaard: MPEG-2
• 6 tot 10 services per kanaal
• Modulatie: QPSK
• Het beeld is minder vermoeiend om naar te kijken (trilt minder)
• Er kunnen extra data worden verzonden, voor bijvoorbeeld interactieve diensten.
Meer plaats voor digitale uitzendingen
Wat is nu het grootste voordeel van digitaal? Naast een uitstekend beeld, blijft er plaats over voor meer uitzendingen. Waar bij analoog slechts één tv uitzending kan worden uitgezonden, biedt digitaal de mogelijkheid om één tot maar liefst tien tv-signalen door te geven. De hoeveelheid is afhankelijk van de kwaliteit waarin de kanalen uitzenden. Van geluidssignalen kunnen er uiteraard nog meer signalen worden doorgegeven. Radiozenders gebruiken veel minder bandbreedte.
